U bent hier: Home Database Oorkonden

Lijstweergave

Totaal 12 oorkonden
1254 juni 19

Rooms-koning Willem geeft de burcht Oijen en alles wat edelman Bertold bezit in leen aan Otto II, graaf van Gelre.

1256 december 28

Deken en kapittel van Sint-Marie te Utrecht verkopen aan Otto II, graaf van Gelre, hun derde deel in de goederen tussen de Lek en de Linge, waarvan de heren van Cuijk en de heren van Sint-Oedenrode eveneens een derde deel bezitten, alsmede hun hof te Zevenaar.


1259 juli

Otto II, graaf van Gelre, schenkt het gehele personaats- en patronaatsrecht van Beesd, in zijn bezit na het overlijden van Godfried van Cuijk, kanunnik van Xanten, aan Rudolf, abt, en het convent van Mariënweerd op voorwaarde dat de abdij eeuwig zijn memorie, dat van zijn overleden echtgenote Margareta, zijn echtgenote Philippa en zijn ouders zal vieren en dat de abt op de dag van zijn jaargetijde en die van zijn vrouw een pitantie zal uitkeren aan het convent en de aanwezige broeders.

1260 (april 2 - vóór eind mei 1260)

Jan I, heer van Cuijk, vidimeert en bevestigt de schenking door zijn vader Hendrik III, heer van Cuijk, van diens aandeel in het patronaatsrecht van Beesd aan de abdij Mariënweerd.

1260 mei

Otto II, graaf van Gelre, schenkt het gehele personaats- en patronaatsrecht van Beesd aan Rudolf, abt, en het convent van Mariënweerd op voorwaarde dat de abdij eeuwig zijn memorie, dat van zijn overleden echtgenote Margareta, zijn echtgenote Philippa en zijn ouders zal vieren en dat de abt op de dag van zijn jaargetijde en die van zijn vrouw een pitantie zal uitkeren aan het convent en de aanwezige broeders.

1260 juli 27

Dirk, graaf van Kleef, en zijn broer Dirk Loef beslechten op raad van Otto II, graaf van Gelre, Willem, heer van Altena, Dirk, heer van Herlaar, Hendrik van Meerwijk, Bertold, heer van Ooij, Hendrik van de Lek en G. van Hurst het geschil tussen Jan, heer van Heusden, en zijn broers Robert en Hendrik inzake de nagelaten leengoederen van hun vader, waarbij Jan zich de hoge rechtspraak en de dijkschouw te Heesbeen en Doeveren voorbehoudt.

 

1263 januari

Otto II, graaf van Gelre, beleent Willem I, heer van Altena, met de tiend, de bijbehorende lage rechtsmacht en het dijktoezicht van Rodengooi en staat hem toe om dit behoudens de hoge rechtsmacht aan de abdij van Villers in cijns over te dragen.

 

1264 oktober 1

Willem I, heer van Altena, en zijn echtgenote Heilwich maken bekend dat zij onder voorbehoud van de hoge rechtsmacht de tiend en goederen te Schalkwijk met het dijktoezicht, eertijds door Dirk Borchman en zijn echtgenote Gisela van hen in leen gehouden, alsmede de helft van de tiend van Rodengooi met de lage rechtsmacht en het dijktoezicht, onder voorbehoud van de hoge rechtsmacht door Otto II, graaf van Gelre, aan Willem en Heilwich in leen gegeven, met instemming van de graaf verkocht hebben aan de abdij van Villers tegen een jaarlijkse cijns van een gouden penning en drie schelling Leuvens, en dat zij eveneens de grond te Schalkwijk, die ridder Arnoud van Giessen van hen in leen hield, samen met de bijbehorende tiend, de lage rechtsmacht en het dijktoezicht overdragen aan de abdij van Villers. Alle genoemde goederen te Schalkwijk en Rodengooi zullen vallen onder het rechtsgebied van Woudrichem.

1267 mei 13

Hendrik I (van Vianden), bisschop van Utrecht, bevestigt de schenking van het patronaatsrecht van Beesd door Otto II, graaf van Gelre, en Jan I, heer van Cuijk, aan de abdij Mariënweerd.

1308 juli 22

Hendrik, abt van de Sint-Bernardsabdij (te Hemiksem), vidimeert een oorkonde van Otto II, graaf van Gelre, d.d. 1263 januari.

Document acties