U bent hier: Home Database Vertalingen Overzicht

1295 november 1, ONB II nr. 1351

​Raas II van Gavere, heer van Liedekerke en van Breda, verenigt het klooster en nonnenconvent van St.-Catharinadal nabij Wouw met het gasthuis van Breda, verplaatst het klooster naar Breda en bepaalt dat het een huis voor zieken en armen zal leiden.

Uitgave

Dillo-Van Synghel, Oorkondenboek van Noord-Brabant, II, nr. 1351.

Tekst

Nos Raso de Gaure, dominus de Lidekerke et de Breda, universis Christi fidelibus presentem litteram visuris et audituris salutem cum noticia veritatis.

Notum esse volumus universis et singulis quod nos in unum concordavimus et ordinavimus claustrum et conventum monialium Vallis sancte Katerine iuxta Woude et hospitale nostrum de Breda, et hoc de concilio et voluntate domini abbatis ordinis Premonstratensis et de concilio ibidem capituli generalis et nostro et Michaelis fratris et prepositi et conventus monialium predicti loci, scabinorum, conciliariorum et oppidanorum de Breda, de bonis omnibus suis, tam reditibus quam mobilibus, ubicumque bona eorum sita fuerint, tam predicti conventus quam hospitalis pariter, perpetualiter habendis, tenendis et fruendis. Per istam ordinationem et conditionem predictum claustrum et conventus veniet ad manendum et ibidem in prefato loco de Breda remanendum perpetualiter, et predictum claustrum tenebit domum unam ad opus infirmorum et pauperum et illos recipient et tenebunt et necessaria ministrabunt, prout hactenus moris et consuetudinis ibidem fuit, secundum facultates suas. Si vero aliquis desideret predictum locum hospitalis ad manendum, hoc erit de concilio nostro et fratris Michaelis, prepositi, et conventus et scabinorum nostrorum de Breda.

Ut autem omnia premissa rata et firma permaneant in posterum, omnia bona predicta, tam claustri quam hospitalis, erunt in manibus antedicti conventus et sui prepositi ad ordinandum et faciendum, prout utilitate omnium visum sibi fuerit expedire.

Ut omnia premissa rata et firma in posterum permaneant, fecimus presentem litteram sigillo nostro, fratris Michaelis, prepositi, et conventus monialium et oppidanorum nostrorum de Breda testimonio roborari.

Datum et actum anno Domini M° CC° nonagesimo quinto, in festo Omnium Sanctorum.

​Vertaald door Geertrui Van Synghel

Raas van Gavere, heer van Liedekerke en Breda, maakt bekend dat hij het klooster en convent van Sint-Catharinadal bij Wouw en zijn gasthuis van Breda met al hun goederen, zowel de inkomsten als de roerende goederen, waar ze ook gelegen zijn, gelijkelijk van het klooster en het gasthuis, heeft verenigd om ze eeuwig te hebben, houden en ervan te genieten, en dit op advies en met instemming van de abt van Prémontré en het generaal kapittel en van Michiel, broeder en proost van Sint-Catharinadal, en van de schepenen, raden en burgers van Breda. Door deze bepaling en voorwaarde zal het klooster en convent naar Breda komen om er eeuwig te blijven en het zal daar een huis ten behoeve van de zieken en armen houden en deze daar ontvangen en de noodzakelijke dingen naar hun vermogen uitdelen, zoals daar tot nu toe gewoon en gebruikelijk was. Indien echter iemand in dit hospitaal wenst te blijven, dan zal dit op advies zijn van Raas, broeder Michiel, proost, het convent en de schepenen van Breda.

Om al deze voorgaande zaken in eeuwigheid van waarde en kracht te houden, heeft Raas deze oorkonde samen met Michiel, proost, en het convent van Sint-Catharinadal, en met de burgers van Breda bezegeld.

Gegeven en gedaan in 1295.



Document acties